Vier Joodse verzetshelden

Blei Weissmann portret klein

In het Haagse verzet was ook een aantal Joodse mannen en vrouwen actief. Vier van hen waren Eleazar Blei Weissmann, Paul Cohen de Boer, Guus Sanders en Johanna Vis. Zij hebben hun verzetsactiviteiten met de dood moeten bekopen.

Joden in veertiende- en vijftiende-eeuws Den Haag

Joodse koopman in de Sachsenspiegel detail klein

De eerste maal dat in een historische bron melding wordt gemaakt over een Joodse inwoner in Den Haag is omstreeks 1343, het was koopman Symon Jude en leverde goederen voor een ridderfeest aan het Haagse grafelijk hof. Later kende Den Haag tot omstreeks 1600 nog slechts bekeerde Joden als inwoners. Albrecht van Beieren, hertog van Beieren en graaf van Holland, bewoner van het Haagse Binnenhof, beloonde bekeerde Joden.

Otto Neurath, een Joodse wereldverbeteraar in ballingschap in Den Haag

FotoNeurath-collectie-Stroom-200x200

Otto Neurath (1882-1945) was een Weense wetenschapper, die zich zijn gehele leven heeft ingezet voor een betere wereld. Zijn opvatting was dat iedereen, en vooral ook niet-opgeleide mensen, de maatschappij moesten kunnen begrijpen. Om informatie duidelijker te maken ontwikkelde Neurath de zogeheten Isotype, een methode die met behulp van eenvoudige afbeeldingen grote getallen in statistieken verduidelijkt of moeilijke begrippen begrijpelijk maakt. Hij ontvluchtte in 1934 Oostenrijk en woonde van 1934-1940 in Den Haag in de Obrechtstraat 267.

Voormalig Joodsch Lyceum Fisherstraat (Fischerstraat 135)

47-Voormalig-Joods-Lyceum-Fisherstraat-1987-200x200

Waar tegenwoordig de basisscholen Paul Krugerschool en De Springbok staan, stond in de jaren 1941-1943 het ‘Joodsch Lyceum Fisherstraat’. De huidige schoolgebouwen zijn of nieuwbouw, of in die mate aan de eisen van de tegenwoordige tijd aangepast dat er geen sporen meer terug te vinden zijn van het Joodsch Lyceum. Toch houden deze basisscholen de geschiedenis levend. Groep 8 leerlingen van deze basisscholen hebben les gekregen over de bijzondere plek waar zij nu naar school gaan, het oude Joodsch Lyceum en de Tweede Wereldoorlog.Woensdag 2 april om 11.30 uur zal als afsluiting van deze lessen en het bewustzijn over de geschiedenis van deze plaats een gedenksteen worden onthuld aan de gevel van het gymlokaal aan de Fisherstraat.

De ‘Stichting Nooit Meer’ en de Joodse inwoners van Scheveningen

2014-03-03-Les-van-Andre-van-Kruijsen-200x200

Scheveningen kende voor de Tweede Wereldoorlog meer dan duizend Joodse inwoners. De Stichting Nooit Meer houdt zich sinds 1995 bezig met hun geschiedenis. Op 43 adressen van de Harstenhoekweg woonden 124 slachtoffers, in de Bosschestraat woonden 123 slachtoffers op 39 adressen en in de Arnhemschestraat 61 slachtoffers op 21 adressen. André van Kruijssen, de voorzitter van de Haagse Stichting Nooit Meer en jongste uit een gezin van acht kinderen geboren in het Harstenhoekkwartier in Scheveningen zet zich in om deze geschiedenis niet te laten vergaan. Scheveningen was ‘Sperrgebiet’ in de laatste jaren van de Tweede Wereldoorlog. Zijn vader was werkzaam bij de Gemeentedienst van Den Haag, in het geval van de vader André van Kruijssen bij de H.T.M. (Haagsche Tramweg Maatschappij).

Het protest van een gewone Joodse jongen uit de Schilderswijk

Levie-Barbier-Digitaal-monument-323160-1229-1822-fotocollectie-Niek-Versteeg2-200x200

De Hagenees Levie Barbier werd op 15 oktober 1921 in de Schilderswijk geboren en woonde tot zijn gedwongen vertrek in 1941 naar Duitsland op de Rembrandtstraat 23, de Haagse arbeiderswijk die beter bekend staat als de Schilderswijk. Hij had voor de Tweede Wereldoorlog een opleiding tot bakker gevolgd maar kon in de economische crisis van de jaren dertig allen maar een baan vinden bij de Gemeente Den Haag als sjouwer. Barbier had geluk dat zijn joodse achtergrond niet bekend was bij de Gemeente maar kon niet ontkomen aan het lot van vele Hagenaars, de Arbeitsinzet. In Duitsland protesteerde hij veel en dit werd uiteindelijk zijn ondergang.